Christophes weblog
woensdag, 23 april 2003
Dagen tellenIk wil de dagen niet tellen. Aftellen is niets voor mij. Op je dagen kan je rekenen, maar het verblijf in Amsterdam loopt op zijn eind. Ik kwam hierheen om te leren en te werken. Een studentikoze kennismaking met de kleinigheden van een professie. Een 'stageperiode' zoals dat heet in schoolse taal. Op zo een school leer je verschillende talen en je leert er ook tellen, maar om nu dagen te gaan tellen? Nou, dat hoef ik niet.
Een wonder hoe snel een mens zich ergens thuis gaat voelen. Aan wat zou dat liggen? Ligt dat aan het menselijke adaptatievermogen of ligt het aan het acceptatievermogen van een stad, te meer omdat we het over Amsterdam hebben. Daarom beste lezer, hoop ik dat enige zelfevaluatie hier op zijn plaats zou zijn.
Ik neem immers elke dag een beetje afscheid van het grote Amsterdam. Misschien is dat krampachtig, misschien is het ongepast en hoogstwaarschijnlijk heeft u er geen boodschap aan. De komende dagen vreten me nu al aan het gemoed. Ik rek het verblijf niet, integendeel... ik maak het afscheid moeilijker door het te rekken. Aftellen? Néé, dat doe ik niet.
Haar achterlaten in Amsterdam?
Niemand heeft er benul van wat me door het hoofd zweeft. Mijn gedachten vallen niet te plaatsen, even ongrijpbaar als een woestijnrat luisterend naar de naam Osama; even onwennig als een verjaardagsfeestje van Saddam in bijzijn van alle dubbelgangers. Ik schreef het gisteren al, geen benul hebben is een specialiteit. Een beproefd recept in de keuken van het leven. Een dagschotel gemaakt in de grootkeuken.
Het raast maar door in mijn kop. Het maalt dag in dag uit. Dan loop ik over straat en denk ik aan haar. Zou ik haar moeten doden? Zou ik haar in deze stad moeten achter laten? Het hangt me al lang boven het hoofd. Zou ze het merken? Haar laatste dagen tellen? Ik doe het niet.
Je loopt een steeg in, je kruist een gracht, slaat een hoek om. Die bewegingen verlopen logisch maar in het hoofd is alles zo associatief. Vanavond ga ik haar wassen denk ik dan. Handen vol met zachte zeep. In het reine komen met alles, ook met haar. Ik moet en zal haar achter laten in Amsterdam. Ik wil elke dag iets achterlaten in deze stad. Ik breek me het hoofd en dat sloopt je. Neem dat van me aan.
Zou ik haar nu achterlaten of niet? Ik vertrek al op 1 mei. Van die zelfevaluatie is er nu weer niets gekomen. Deze tekst is weer ontspoord en dat is te wijten aan die ongrijpbare gedachten van me en al dat associatief geraas. Ik ga haar niet achter laten. Of wel. Die dagen tel ik niet af, maar misschien moet ik met mijn haar maar eens naar de kapper. Zo laat ik mijn haar achter in dat grote Amsterdam net zoals ik stukjes van mijn hart hier achter laat als kleinduimpje opdat ik mijn weg ooit terug zal vinden.
Ik ga het missen hier. Haar ook. Haar mis ik dagelijks.
Christophe op om 16:45 | Reageer (2)
Reacties
Wat denk ik betekent dat de ervaring heel wat meer dan de moeite waard was/is. Wat voldoende zou moeten zijn toch?. Vraag het eens aan haar. ;)
Gepost door Bert V op vrijdag, 25 april 2003
Stof, het was een mooie ervaring voor je denk ik, ben ik zelfs zeker. Je bent op verschillende vlakken weer 'gegroeid en opengebloeid', hoop dat je je talenten in de toekomst blijft gebruiken. Hoe hard je er ook tegenop ziet om terug te komen; er zijn er velen die je weer met open armen zullen verwelkomen ! Ik kijk alvast uit naar je 'thuis'komst. Laat 'haar' dus maar in Amsterdam en begin hier gewoon opnieuw me je zoektocht naar 'het/hem of haar'!!! Tot donderdag 1/5. ;-)
Gepost door ValÈrie op zondag, 27 april 2003
Powered by Movable Type 2.661




